Maak van kinderopvang publieke voorziening (opinie de Volkskrant)

Ja, Kathalijne Buitenweg heeft gelijk. Dat moeten we doen. Omdat de ontwikkeling van het jonge kind in een veilige sociale omgeving de centrale waarde moet zijn.

Topfiscalist Leo Stevens: “Betaal de basiszorg uit de schatkist”

Emeritus-hoogleraar fiscale economie Leo Stevens pleit in de Volkskrant voor een samenhangende visie op een Eenvoudig, Efficiënt en Eerlijk belastingstelsel.

Over de zorg zegt hij het volgende: “Betaal de basiszorg uit de schatkist. Dat betekent een eind aan het ingewikkelde hybride systeem van nu, met de helft markt en de andere helft inkomensafhankelijke premieheffing via de Belastingdienst, gecombineerd met een zorgtoeslagsysteem dat weer andere parameters hanteert. Plus extra regels voor de meebetalende werkgever. Complexer kan niet.”

Wouter Bos zei in zijn laatste column in de Volkskrant: “De betaalbaarheid van de zorg is de volgende pijler van de verzorgingsstaat die zal gaan wankelen.”

Voetnoot: De totale kosten van de zorg zijn zo hoog, omdat de extreme complexiteit zich vertaalt in een hoge overhead/indirecte kosten. Dit is een feit, geen mening.

De Cure onder het mes, naar een Patiënt Georiënteerd Zorgstelsel

Gepubliceerd op 8/11/2015 – De conclusie van het essay ‘De Cure onder het mes’ (een Patiënt Georiënteerd Zorgstelsel)  is inmiddels de meest gelezen blog op Skipr van de afgelopen 5 jaar.

Lees hier het essay: De cure onder het mes dat resulteert in het voorstel  om een Patiënt Georiënteerd Zorgstelsel in te voeren: Onze (medische) gezondheidszorg kan beter èn goedkoper, doordat een groter deel van het budget aan zorg wordt besteed, terwijl innovatie gewaarborgd is.

uit ‘De Cure onder het mes’:

STELSEL MET TOEZICHTHOUDERS

toezicht-simpel-11112016

FUNDAMENTELE ANALYSE

 

Fund Analyse II copyright 17082016

 

IST & SOLL

ist-en-soll-2016

VOORDELEN TOV. HUIDIGE STELSEL

voordelen-pgz-2016

 

 

Op weg naar een patiënt-georiënteerd zorgstelsel

25 oktober 2015

Laten we Out-Of-The-Box durven denken. Een patiënt georiënteerd zorgstelsel is beter dan het huidige, internationaal geprezen, maar erg kostbare stelsel. De huidige cure leidt namelijk onder chronische markt- en overheid imperfecties en dat zou niet nodig hoeven zijn. Het is de uitkomst van mijn analyse van het huidige zorgstelsel in de cure waar prominente zorgexperts en zorgbestuurders op hebben gereflecteerd.  

De maatschappelijke discussie over de zorg is losgebarsten. Marktwerking!? De minister zei onlangs dat er geen marktwerking is, maar dat is niet waar. De markt creëert perverse prikkels waar de patiënt de dupe van wordt. Huisartsen hebben hun gelijk gehaald, het Roer Gaat Om. Dat betekent meer ruimte voor samenwerking met zorgverzekeraars op basis van gelijkwaardigheid. Dat kan niet anders, want de kennis zit bij de huisartsen, niet bij de verzekeraars. Toch gaat het eigen risico in 2016 omhoog naar 385 euro en mijden steeds meer arme mensen de zorg. De solidariteit in de zorg staat wel onder druk. Desalniettemin behoort onze gezondheidszorg door de combinatie van toegankelijkheid, kwaliteit en betaalbaarheid in internationaal perspectief tot de top en is ze volgens de EuroHealth Consumer Index 2014 zelfs het beste in heel Europa. Maar ons zorgstelsel is ook erg kostbaar volgens de OESO, sinds de invoering van de zorgverzekeringswet en de ‘marktwerking’ in 2006 is ze vergeleken met het Europees gemiddelde zelfs nog duurder geworden! Dat de kosten niet de pan uitrijzen ligt aan het bestuursakkoord, er is een budgetplafond afspraak.
OECD health costs per capita
Enkele mediaberichten
-Het Roer Moet Om: Het Roer Moet Om
-De kern van de afscheidsrede van Prof.dr. Wynand van de Ven in een korte video (< 5 min.): Nederland het beste zorgstelsel?
-Bart Berden over de financiering van investeringen in ziekenhuizen: Ziekenhuizen krijgen moeilijk geld
-Zorgdebat georganiseerd door ONVZ (18 sept. 2015) – Jaap van den Heuvel, directeur van een hypermodern ziekenhuis, pleit tegen marktwerking (vanaf 7:25 min): DFT Zorgdebat met minister Schippers en 2 experts door de Telegraaf en ONVZ

 

Heimwee naar de PTT? (reactie op De kwestie in de Volkskrant)

Geachte heer de Waard,
De bezoldiging van bestuurders in voormalige (?) publieke sectoren zorgt al jaren voor commotie en media-aandacht. Het ingewikkelde vraagstuk van overheid en markt wordt platgeslagen tot de bonus van de CEO en daar spuit iedereen zijn mening over.
Begrijpelijk. Maar zo simplificerend.
Technologische ontwikkelingen (ICT en Communicatie) stuwen innovatie en het ontstaan van nieuwe business modellen en nieuwe concurrentie. Binnen de beschermde omgeving van de overheid, de wereld van gestolde machtsverhoudingen, zouden de oude PTT en de Rijkspostspaarbank zich waarschijnlijk niet snel genoeg hebben kunnen aanpassen aan de nieuwe (technisch gedreven) werkelijkheid. De keerzijde is dat met de privatiseringen de oude gedachte dat sommige diensten van algemeen nut zijn, is verdwenen. De meervoudige burger (belastingbetaler, kiezer, gebruiker van diensten) veranderde tot eenvoudige consument.
De kernvraag zou moeten zijn: vinden Nederlanders dat sommige diensten van algemeen nut zijn? Ik denk aan openbaar vervoer (wordt buiten de Randstad afgebouwd), geld- en betalingsverkeer (pinautomaten buiten de Randstad: idem; generatie 70+: onhandig met computer), postbezorging.
Dit zijn politieke vragen.
Maar – vrees ik – te moeilijk voor deze generatie politici.
Ik kan mij voorstellen dat we opnieuw enkele publieke diensten voor dit soort nutsvoorzieningen inrichten. Dan moet aan een aantal randvoorwaarden worden voldaan. Cruciaal is: deze diensten moeten een zeker innovatievermogen hebben – daar moeten arbeidsvoorwaarden op zijn toegesneden -, maar ze behoeven geen state-of-the-art dienstverlening te bieden. Voorop zouden moeten staan: toegankelijkheid, betrouwbaarheid, veiligheid, duidelijke informatie voor de burger. Deze diensten moeten bedrijfsmatig bestuurd worden. De politiek stelt een beperkt aantal meetbare eisen binnen een maatschappelijk meerjarenperspectief. Ik heb er een boek over geschreven.

Reactie Peter de Waard:
Beste Gijs
Dank voor je reactie. Ik vind dat telecom en pakjes bezorgen ook aan de marktwerking moeten worden overgelaten. Ik heb twijfels over de post en vooral banken.
groet
Peter de Waard

Staatstoezicht op de Mijnen?

Het falen van de oudste toezichthouder van Nederland, Staatstoezicht op de Mijnen, legt de vinger op een structureel probleem: het overheidstoezicht op het naleven van de regels in marktsectoren schiet tekort. We hebben de afgelopen jaren veel voorbeelden van falend overheidstoezicht gezien: in de financiele sectoren, in de woningcorporatiesector, in de sector van het hoger onderwijs, bij de petrochemie (Chemiepack), bij de NZA (interne problemen), in de vleeshandel (paardenvlees).

Maar het volledig verzaken van de toezichtrol door Staatstoezicht op de Mijnen slaat alles. De Mijnwet van 1810 is de oudste Nederlandse wet. Het Staatstoezicht op de Mijnen werd in hetzelfde jaar opgericht. Staatstoezicht op de Mijnen houdt onafhankelijk toezicht op de mijnbouw en het transport van gas, zodanig dat het op een maatschappelijk verantwoorde wijze wordt uitgevoerd.

Enkele feiten: In 1972 blijkt uit onderzoek van de NAM dat Groningen tot maximaal 1 meter verzakt in 2050 (de Volkskrant, 18 feb.). In december 1986 is er een aardbeving met de kracht van 3.0 (schaal van Richter) in Assen. Sindsdien zijn er 1000 aardbevingen in het noorden geregistreerd.

In 2002 werd de stokoude wetgeving vernieuwd en gebundeld in de nieuwe Mijnbouwwet en het Mijnbouwbesluit met uitvoeringsbepalingen. De nieuwe mijnbouwwet verplicht de concessiehouder een winningsplan op te stellen met een kaart van de te verwachten bodemdaling en deze bodembeweging ook te meten, op een zorgvuldige en betrouwbare wijze en hierover te rapporteren. Het Staatstoezicht op de Mijnen heeft als toezichthouder de taak ervoor te zorgen dat dit ook gebeurd.

Zes jaar later, in 2008, stelt de Technische commissie bodembeweging (adviesorgaan van de minister van EZ, art. 35 Mijnbouwwet) dat er ‘Betere meetnetten voor bodemdaling nodig zijn’.

Het Staatstoezicht op de Mijnen stelt in het Jaarverslag 2009 vast dat (citaat) ‘de veiligheid van de delfstofwinning in Nederland op een hoog niveau ligt. De hoge veiligheidsstandaard is te danken aan een goede risicobeheersing. De oliemaatschappijen hebben voor al hun activiteiten de risico’s in kaart gebracht en maatregelen genomen om die risico’s in te dammen. Daarbij werken ze volgens het principe van continue verbetering. Voortdurend kijken ze of een bepaald proces nog veiliger kan worden ingericht. Staatstoezicht op de Mijnen inspecteert of de oliemaatschappijen hun zorgsystemen op het gebied van veiligheid, gezondheid en milieu goed op orde hebben. Die inspectie vindt zowel op afstand als op locatie plaats.’

In het Jaarverslag 2011 spreekt het Staatstoezicht op de Mijnen van (citaat) ‘de hoge veiligheidsstandaard in de delfstoffenindustrie. Er zijn geen dodelijke ongevallen.’  De Inspecteur-Generaal der Mijnen zegt daarbij dat hij het als toezichthouder op de gaswinning (citaat) ‘de moeite waard vind om de achtergrond van de concentratie van aardbevingen serieus te laten onderzoeken’.

In 2013 stelt de Inspecteur-Generaal naar aanleiding van de zware Huizinge beving van 2012 dat het onderzoek naar de toedracht (citaat) ‘uiteraard in eerste instantie de verantwoordelijkheid van oliemaatschappijen zelf is. Daar hebben wij ook constant bij hen op aangedrongen. Maar toen dat uitbleef hebben wij het zelf opgepakt.’

Dus tien jaar na de inwerkingtreding van de nieuwe Mijnbouwwet (en meer dan 40 jaar na het NAM-rapport) begon het Staatstoezicht op de Mijnen ten langen leste met de uitvoering van haar primaire taak: toezicht en handhaving van de regels met betrekking tot de gaswinning.

Kiezen tussen overheid en markt - Gijs van Loef

Tot zover deze column.

Twee jaar geleden heb ik een boek geschreven over marktwerking in het publieke domein, waarvan dit een treffend voorbeeld is. In dit boek, ‘Kiezen tussen overheid en markt’, maak ik onderscheid tussen vier principes van overheidshandelen, vier soorten publieke waarden, die door de overheid gewaarborgd moeten worden. Alle technische infrastructuren die het algemeen maatschappelijk belang dienen, zoals energiesystemen waaronder de gaswinning in de Nederlandse bodem, moeten voldoen aan de eisen van collectieve veiligheid en zekerheid. Dat wil zeggen dat deze systemen operationeel veilig moeten zijn, de volksgezondheid mag niet bedreigd worden en operationeel gegarandeerd, de systemen mogen niet haperen of uitvallen. Ik noem dit het principe van ‘collectieve veiligheid en zekerheid’ van technische infrastructuren met een algemene maatschappelijke functie (zoals de drinkwater- en energievoorziening, het openbaar vervoer, essentiele communicatienetwerken).

Bij de gaswinning in Groningse bodem heeft de rijksoverheid dit principe consequent verloochend: het ging alleen om de zekerheid van de gaswinning, veiligheid speelde geen enkele rol, met uitzondering van de veiligheid van de mensen die direct bij de uitvoering van de gaswinning zelf betrokken zijn.

Column staat ook op:
http://www.z24.nl/columnisten/gijs-van-loef-zwak-toezicht-gaswinning-groningen-exemplarisch-voor-falen-overheid-540161

column op Joop.nl