Meer centrale overheidssturing noodzakelijk in de gezondheidszorg

Ik ben geen voorstander van een volledig publiek zorgstelsel zoals sommigen denken en ben dat ook nooit geweest. Maar de balans tussen de private krachten en de publieke krachten is uit het lood geslagen. Er is teveel marktwerking, er is te weinig publieke sturing. Het maakt ons zorgstelsel van gereguleerde marktwerking ondoelmatig. (oude blog> Nederland heeft een ondoelmatig zorgstelsel) De zorg is te afhankelijk geworden van ondernemers en private equity, het innovatieparadigma is doorgeslagen. Zorgkennis en kennis van wezenlijke geneesmiddelen en hulpmiddelen moet ook publieke kennis blijven. Het bericht vandaag dat academische ziekenhuizen zelf dure geneesmiddele mogen gaan produceren is hiermee geheel in lijn.
Noodzakelijk is een herijking van de verhouding tussen het private en het publieke, waarbij de aansturing (financieel; informatievoorziening; planning van zorgaanbod) weer een overheidsverantwoordelijkheid wordt want alleen dan ontstaan de randvoorwaarden voor een combinatie van een goede, voor iedereen toegankelijke, duurzame en voldoende innovatieve gezondheidszorg die gebaseerd is op solidariteit en draagkracht.

Over de herijking tussen publiek en privaat schreef ik (met Renske Leijten, co-auteur) het volgende in ESB 1/2017 (volledige artikel>ESB ) :

Herbezinning verhouding tussen publiek en privaat

De gezondheidszorg is het best te organiseren als een publiek domein, gefinancierd uit publieke middelen voor de gehele bevolking, waarbinnen private activiteiten op basis van heldere regels en afspraken een, overigens onmisbare, bijdrage leveren. Ondernemers zien kansen en vrije ruimtes, bijvoorbeeld op deelmarkten voor medicijnen en hulpmiddelen, en benutten die door te innoveren. Maar dit vraagt altijd om toetsing en regulering en daarmee op overheidscorrectie op de vrije markt. Immers, de collectieve volksgezondheid en individuele patiëntveiligheid moeten ten allen tijde gewaarborgd blijven.

In het huidige zorgstelsel is de markt nevengeschikt en met het construct van zorgverzekeraars in feite zelfs bovengeschikt aan het publieke belang. Als de markt bovengeschikt is, staat niet de patiënt centraal, maar omzet. De markt legt de nadruk op het plegen van interventies met overdiagnostiek en overbehandelingen tot gevolg. Partijen zoeken ‘verdienmodellen’ en introduceren stopwatch-protocollen, een stortvloed aan behandelvoorschriften en behandelen meer om te voorkomen dat de inspectie of een patiënt aan de hand van richtlijnen hun beklag komen doen. Kan de werkelijke patiëntbehoefte in een commercieel gedreven zorg, waarin persoonlijke belangen prevaleren überhaupt centraal staan?

Met een dermate sterke positie van de markt ontstaat er ook een blinde vlek voor coördinatie van investeringen in zorgvoorzieningen. De zorg is een technisch hoogwaardige, dynamische en complexe infrastructuur, die vraagt om coördinatie en samenwerking bij investerings- en desinvesteringsbeslissingen. Deze noodzakelijke regie is een publieke verantwoordelijkheid, die samengaat met de verantwoordelijkheid voor ontwikkeling en behoud van kennis in al haar facetten. Tot slot, doordat iedere zorgverzekeraar zijn eigen maatstaven voor kwaliteit bepaalt, is er nu – naast intransparantie – ook een suboptimale inrichting van zorgvoorzieningen in de 1e, 2e en 3e lijn.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s