ZorgWeek25bericht

Dit kan toch niet in Nederland: Moedertje van 80 jaar ‘s middags om 3 uur met spoed naar het ziekenhuis en pas om half 2 ‘s nachts in een ziekenhuisbed?, Jolanda Rouwen in Houtens Nieuws.nl

CBS 21/6/2019 Zorguitgaven stijgen in 2018 met 3,1 procent

In 2018 is 100,0 miljard euro uitgegeven aan zorg en welzijn, 3,0 miljard euro meer dan in 2017. De zorguitgaven groeiden voor het zesde achtereenvolgende jaar minder hard dan de economie. Dit meldt het CBS op basis van nieuwe, voorlopige cijfers. De groei van de zorguitgaven in brede zin in 2018 is met 3,1 procent de hoogste na 2010. De zorguitgaven groeiden minder snel dan de economie, waardoor het aandeel van de zorguitgaven in het bbp (in werkelijke prijzen) daalde van 13,2 procent in 2017 naar 12,9 procent in 2018. In 2012 was het aandeel nog 13,9 procent.(…) Uitgaven aan aanbieders van medisch-specialistische zorg stegen in 2018 met 2,9 procent tot 27,7 miljard euro. Deze uitgaven aan ziekenhuizen en overige aanbieders, zoals zelfstandige behandelcentra, zijn goed voor 28 procent van de totale zorguitgaven. (…) In totaal werd via de overheid, verzekeringen en eigen betalingen in 2018 per persoon gemiddeld 5 805 euro uitgegeven aan zorg. Dat is 140 euro meer dan in 2017. De uitgaven aan zorg worden voor bijna 83 procent gefinancierd uit verplichte verzekeringen (Wet langdurige zorg (20 procent) en Zorgverzekeringswet (44 procent)) en bijdragen van de overheid, waaronder de uitgaven van gemeenten in het kader van de Jeugdwet en de Wet maatschappelijke ondersteuning (19 procent). Huishoudens betaalden zelf 10,8 procent aan zorgaanbieders, 5,2 procent via het eigen risico en eigen bijdragen en 5,6 procent direct aan zorgaanbieders. CBS Zorguitgaven stijgen in 2018 met 3,1 procent
NB Fout bericht in NRC “De medisch-specialistische zorg ging in 2018 27,7 miljard euro aan op, 2,9 procent van de totale uitgaven.”

Houtens Nieuws.nl 19/6/2019 Bezuinigingen in de Gezondheidszorg?

Twee weken geleden werd ons inmiddels klein en lichtgewicht Moedertje van 80 jaar oud ziek. (…) Gevolgen van bezuinigingen? Geen apothekerspost in Houten ‘s nachts, beddentekorten, extra medische overdracht en telefonades, extra ambulancerit? Dit kan toch niet in Nederland: ‘s middags om 3 uur met spoed naar het ziekenhuis en pas om half 2 ‘s nachts in een ziekenhuisbed? De dokterspost werd gebeld en ze waren snel aanwezig. De arts constateerde een longontsteking en ze schreef antibiotica voor. Houtens Nieuws.nl

Nieuwsuur 18/6/2019 Personeel spoedeisende hulp LUMC: patiëntenzorg in gevaar

Patiënten op de spoedeisende hulp van het Leids Universitair Medisch Centrum (LUMC) krijgen door grote drukte vaak niet de zorg die ze nodig hebben. Daardoor ontstaan complicaties en kan zelfs gezondheidsschade bij patiënten optreden. Dat vertellen artsen en verpleegkundigen anoniem aan Nieuwsuur. Ze spreken van een onhoudbare situatie, omdat met de sluiting van het Bronovo-ziekenhuis op 1 juli extra patiënten in het LUMC worden verwacht. (…) Hoogleraar Klein noemt de situatie zorgwekkend: “Ik lees over personeelsgebrek, te weinig goed geschoolde medewerkers. Ook patiënten worden steeds complexer.” Volgens Klein spelen soortgelijke problemen op meer SEH’s, maar zijn ze in het LUMC ernstiger. “Voordat het personeel dit aankaart, bij de OR en de Raad van Bestuur, moet er echt iets aan de hand zijn. Dit is absoluut alarmerend.” Bronnen van Nieuwsuur in het Leidse ziekenhuis vrezen dat het aantal incidenten op de spoedeisende hulp zal toenemen. Op 1 juli sluit het Bronovo-ziekenhuis in Den Haag de afdeling spoedeisende hulp. Jaarlijks worden daar duizenden patiënten behandeld. De verwachting is dat een deel daarvan naar het LUMC zal komen. Het LUMC heeft geen extra personeel aangenomen en geen extra patiëntenkamers ingericht om deze groep patiënten op te vangen. Volgens hoogleraar Klein kan het LUMC deze patiënten er “op geen enkele manier” meer bij hebben. “Dit is absoluut een risico voor de inwoners in de regio”, aldus Klein. Nieuwsuur Personeel spoedeisende hulp LUMC: patiëntenzorg in gevaar

deVolkskrant 18/6/2019 Meerderheid wil alternatieve zorg in basispakket (abonnement)

Meer dan de helft van de Nederlanders ziet graag dat een of meer alternatieve geneeswijzen worden vergoed vanuit het basispakket van de zorgverzekering. In de ogen van een kwart van de bevolking heeft alternatieve zorg ‘evenveel waarde’ als reguliere gezondheidszorg. Dat blijkt uit onderzoek van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) dat dinsdag wordt gepubliceerd. Volgens de CBS-cijfers bezocht 6 procent van de bevolking in 2018 een alternatief genezer. De osteopaat, chiropractor en acupuncturist werden daarbij het vaakst genoemd. Vrouwen en hogeropgeleiden maken verhoudingsgewijs meer gebruik van alternatieve geneeswijzen dan mannen en lagergeschoolden. deVolkskrant Meerderheid wil alternatieve zorg in basispakket

Trouw 15/6/2019 Baat het niet, dan schaadt het mogelijk wel (abonnement)

De rijke delen van de wereld lijden aan overdiagnostiek. Door de ontwikkeling van de medische technologie wordt de geringste afwijking gezien. Wat leidt tot overbehandeling en overmedicatie. Er komt nu een wetenschappelijk tegengeluid.Trouw Baat het niet, dan schaadt het mogelijk wel

……………………………………………………………………………………………………………..

ZorgWeekbericht gaat de zomer in en zal voorlopig niet meer wekelijks verschijnen, tenzij er voldoende aanleiding is.

Commentaar op advies TW Zorguitgaven

De Technische Werkgroep van rijksambtenaren (TW) heeft haar advies uitgebracht voor de kabinetsformatie: “Zorgen voor gezonde groei“.

bron: Zorgen voor gezonde groei

Haar advies voor de gehele zorg (Zvw, Wlz, Wmo, Jeugdzorg) is opgebouwd langs drie rode draden: 1. Gepast gebruik; 2. Zorg op de juiste plek: 3. Eenvoud en samenhang. Laten we op een andere, niet-ambtelijke manier kijken naar het inhoudelijke voorstel. Al was het maar om de discussies achter gesloten deuren te vergemakkelijken. Het gaat voor wat betreft het gehele pakket dat de TV de revue laat passeren voor meer dan 80% om maatregelen in de Zvw, de zorg van de gereguleerde marktwerking.

Het zwaartepunt van potentiële bezuinigingen ligt aan de aanbodzijde van de Zvw (45 miljard). Binnen hernieuwde zorgakkoorden met de sector is 1,2 miljard aan doelmatigheidswinst mogelijk door: a. standaardisatie dmv. minder praktijkvariatie, b. meer onderlinge samenwerking en c. focus op zinnige zorg (b. en c. betekenen samen impliciet: de patiënt wordt beter bediend) en 1 miljard aan besparingen door capaciteitsplanning van het zorgaanbod: verschuiving van de 2e naar de 1e lijn en concentratie van top specialistische zorg.

Voorgestelde aanvullende bezuinigingen worden ook binnen de aanbodzijde van de Zvw gehaald: 1,2 miljard aan doelmatigheidskortingen voor de Medisch Specialistische Zorg, de GGZ en de wijkverpleging.

Tot zover het mogelijke bezuinigingspakket op de publieke zorg, waarbij de rijksoverheid de regie pakt waar de zorgverzekeraars die kennelijk laten liggen.

Aan de vraagzijde is 1 miljard extra aan ‘inkomsten’ becijferd door het verhogen van het Eigen Risico in de Zvw met 110 euro. Een tweede miljard kan gevonden worden door te bezuinigingen op het verzekerde basispakket (Zvw): 0,6 miljard – in totaal kunnen de zorgverzekeraars dus 1,7 inboeken aan extra opbrengsten, dan wel besparingen op zorg – en nog 0,4 miljard kan gevonden worden buiten de Zvw.

Je kunt het ook zo zien. Enerzijds betreft het (voorgestelde) maatregelen die de kwaliteit zouden moeten verbeteren en wel op twee manieren: Verbetering van de  ‘doeltreffendheid van het zorgaanbod’, dit vergt bestuurlijke regie en dan gaat het om afspraken op het stelselniveau van de curatieve zorg (2e > 1e lijn; concentratie van topzorg), in termen van de rode draden: zorg op de juiste plek en eenvoud en samenhang en de bevordering van ‘gepast gebruik’: zinnige zorg, dus alleen behandelen wat nodig is en in overleg met de patiënt.

Anderzijds betreft het (voorgestelde) maatregelen die kwantitatief (dus puur financieel) zijn, bij gebrek aan beter kun je dit onder de noemer ‘doelmatigheid’ schuiven: in de eerste plaats het afknijpen van budgetten (MSZ, GGZ en wijkverpleging, de 1e lijn wordt ontzien) en volumebeperkingen (oftewel: kwantitatieve zorgplafonds) en in de tweede plaats het inkrimpen van het verzekerde basispakket (met kwalitatieve gevolgen).

De achterliggende vraag is natuurlijk altijd: wie draait voor de gevolgen op, wie krijgt er nu minder zorg? De werkgroep waarschuwt dat als de zorguitgaven niet harder mogen groeien dan het BBP er zelfs met een bestuurlijk akkoord extra maatregelen nodig zijn die resulteren in hogere individuele zorglasten voor de burger.

De TV constateert dat met name in de curatieve zorg ‘een nieuwe werkwijze van partijen wordt gevraagd’. Maar wat moeten wij ons daarbij voorstellen? Duidelijk is: Er moet meer worden samengewerkt. In een bijlage wijst men op de systeemverantwoordelijkheid van de overheid en worden aanpassingen van de structuur en mogelijkheden ter verbetering van de werking van de gereguleerde concurrentie/sturingsfilosofie opgesomd.

Het grote gevaar is, zie ook mijn eerder commentaar op de Agenda voor de Zorg, dat door om de hete brei heen te draaien het voorspelbare gevolg zal zijn: meer afspraken en regels dus meer bureaucratie, dus meer overhead en minder geld voor de zorgverlening zelf.

 

Figuur 1: De autonome groei van de totale zorgkosten vs. de groei van het BBP, zonder politiek-bestuurlijk ingrijpen

Figuur 3: De voorgestelde maatregelen (blauwe blokken), resulterend in een evenwichtige groei van de zorgkosten conform het BBP.

Kosten versus Kwaliteit van de marktgedreven curatieve zorg (ESB)

update 29 november – Reactie van Dr. Peter Harteloh (arts-onderzoeker CBS): “Ik heb je resultaten bekeken en onderschrijf deze: de kwaliteit loopt terug en de kosten nemen toe.
Het is in overeenstemming met geluiden uit het veld, maar niet met het beeld dat de politiek bevalt.”

update 19 april – Contact met CBS. Bevestiging dat dit onderzoek relevant is en dat er nog geen onderzoek naar gedaan is. Bevestiging dat de internationaal vergelijkbare data pas sinds een jaar of 10 beschikbaar zijn en dat een dergelijk onderzoek daardoor nu pas mogelijk is geworden. Het gebruik van een medische controlegroep om te bepalen wat relevante medische outputindicatoren zijn is een goede aanpak. Men zal binnenkort inhoudelijk regeren. Tevens contact met CPB. Bevestiging dat er nog nader gekeken wordt naar het onderzoek. Melding van mijn kant dat er ook direct contact met CBS is.
update 5 april – Contact met CBS. Binnen 2 tot 4 weken kan ik een reactie verwachten op dit onderzoek en de onderzoeksmethode. Men onderkent de relevantie en bevestigd mijn stelling dat er pas sinds circa 10 jaar (OESO-)data beschikbaar zijn waardoor dit soort longitudinaal onderzoek over een reeks van jaren nu pas goed mogelijk is.

update 23 maart – De conclusie uit het ESB-artikel staat voorlopig recht overeind na een eerste afstemmingsronde met CPB en CBS: “Samenvattend, sinds de invoering van het systeem van gereguleerde marktwerking is de kwaliteit van de medische zorg in internationaal perspectief verslechterd, terwijl de kosten juist disproportioneel zijn gestegen.” 

Het CPB heeft op een tweetal wijzigingen rond 2013 gewezen in de Nederlandse situatie die op het eerste oog ongunstig lijken voor de score van Nederland in de internationale vergelijking. Maar bij eliminatie van deze twee voor Nederland ongunstige veranderingen in 2013 en 2014 (verplichte herregistratie van verpleegkundigen, zie: https://www.cbs.nl/nl-nl/nieuws/2016/11/minder-geregistreerde-verpleegkundigen en de overgang  van handmatige op automatische codering dat een negatief effect heeftop de stroke mortality rate; zie https://www.cbs.nl/nl-nl/achtergrond/2017/06/veranderingen-in-de-doodsoorzakenstatistiek-2013-2015 en verder, hierover is nader contact geweest met auteurs van het CBS) blijkt het totaalbeeld zelfs minder gunstig voor Nederland uit te komen dan in de oorspronkelijk tabel die als Figuur 1. gepubliceerd is in het ESB-artikel van januari 2017. Dit geeft het volgende beeld bij het weglaten van de data voor 2014 (OESO 2016):

Indien de twee indicatoren practising nurses per 1000 en stroke mortality rate geheel uit de longitudinale reeks geëlimineerd worden (de kwaliteitsindicatoren gaan van 13 naar 11) is dit het beeld:

In het kort
▶ Nederland heeft relatief dure zorg van middelmatige kwaliteit.
▶ Dat komt omdat het huidige stelsel omzet beloont in plaats van zorgkwaliteit.
▶ Een nieuw stelsel dat start bij samenwerking tussen professionals en dat de patiënt centraal stelt, is nodig.

Lees hier het artikel uit het januarinummer van ESB (pdf): vanloef-leijten-esb4745-026-029

Lees hier her artikel op de website van ESB: https://www.esb.nu/esb/20022201/zorgstelsel-op-basis-van-samenwerking-stelt-patient-centraal

 

Figuur 1 uit het artikel:

esb-figuur-1-06012017

De oude figuur, eerder gepubliceerd:kosten-kwaliteit-grafiek-30122016