Spanje: beste gezondheidszorg van modern Europa?

Het Spaanse Ministry of Health, Social Services and Equality publiceert de volgende compacte en inzichtelijke rapporten: logo_ministerio

Het Annual Report on the National Health System of Spain 2015: http://www.msssi.gob.es/estadEstudios/estadisticas/sisInfSanSNS/tablasEstadisticas/Resum_Inf_An_SNS_2015_ENG.pdf  en de bijbehorende International comparisons: http://www.msssi.gob.es/estadEstudios/estadisticas/sisInfSanSNS/tablasEstadisticas/Comp_Intern_2015_ENG.pdf

Uit de International comparisons worden de volgende bijzondere prestaties belicht (bijzonder in de zin van het beste, of het beste samen met enkele andere  EU-landen):

* Hoogste levensverwachting van alle EU-landen
* Een van de vier EU-landen met de laagste sterfte als gevolg van ischaemic heart diseases en cerebrovascular diseases (hartklachten; hersenaandoeningen)
* De hoogste overlevingskans van borstkanker
* De meeste Community Pharmacies van alle EU-landen
* De meeste orgaandonaties en transplantaties van alle EU-landen (zie:  http://public.tableau.com/views/BOTnet/OrganDonorMap?:embed=y&:toolbar=no&:display_count=yes&:showVizHome=no#2 )
* Met oa. Nederland de laagste unmet medical needs (NB indicator voor toegankelijkheid; het recente bericht: http://nos.nl/artikel/2131978-tien-procent-nederlanders-mijdt-zorg-om-financiele-redenen.html heeft hier betrekking op!)

Het rapport geeft geen informatie over prestaties waarbij Spanje duidelijk onderpresteert. Of dit betekent dat Spanje geen zwakke prestaties kent, of dat er sprake is van een eenzijdige voorstelling van zaken kan niet met zekerheid gezegd worden. Maar het laatste ligt toch niet erg voor de hand. Opmerkelijk is de lage plek van Spanje in de EHCI Index 2015: 19e (!; Italië: 22e! ). Het is weer een aanwijzing dat de EHCI Index de toets der kritiek absoluut niet kan doorstaan.

Nederland heeft niet de beste zorg van Europa

ca. 25.000 views all websites

update 11/12/2016 – De opeenvolgende publicaties over de gezondheidszorg in internationaal, Europees perspectief (1, 2, 3, 4) illustreren een onderzoeks- en denkproces. Met de grafiek rechts is dit proces (voorlopig) afgerond. Het vormt de basis van de grafiek in ESB 1/2017.kosten-kwaliteit-grafiek-30122016

update 8/10/2016 – Nu de verdieping van de kwaliteitsindicatoren is gemaakt, is het duidelijk geworden dat het beeld op basis van deze 6KPI’s voor enkele landen onvoldoende scherp is. Engeland en Oostenrijk scoren kwalitatief minder goed, Finland scoort aanzienlijk beter. Toch kan ook worden vastgesteld, dat de 6KPI’s als eerste vingeroefening een totaalbeeld geven dat overwegend ‘juist’ is. Het is als eerste stap een goede stap, een stap die vervolg moet krijgen. Zie hierna deel 2.

Gepubliceerd op skipr als https://www.skipr.nl/blogs/id2855-nederland-heeft-niet-de-beste-zorg-van-europa.html

6 Sleutelindicatoren van Kwaliteit en Kosten

De gezondheidszorg is de meest complexe sector in het publieke domein. Hoe goed is onze gezondheidszorg? Elke cijfermatige benadering heeft beperkingen. Om een nauwkeurig beeld te krijgen zouden wellicht enkele duizenden cijferreeksen moeten worden opgesteld. Maar hoe kan dit worden samengevat? Een schier onmogelijke taak. Toch is met enig gezond nadenken wel een indicator samen te stellen die met slechts enkele cijferreeksen/KPI’s een weliswaar zeer globaal maar toch inzichtelijk beeld geeft van de kwaliteit van gezondheidszorg-stelsels van landen . Deze indicator bevat de Kosten (Uitgaven) uitgesplitst naar het % van het BNP dat aan gezondheidszorg wordt uitgegeven en de ontwikkeling daarvan, plus de kosten per inwoner (per capita) en een drietal ‘Prestaties’: het aantal hoogopgeleide zorgverleners (aantal doctoren per 1000 inwoners) als indicator van de omvang van het zorgaanbod, de gemiddelde levensverwachting als ultieme menselijke gezondheidsindicator en de ‘persoonlijke gezondheidswaardering’ van mensen. Deze gegevens zijn voorhanden. Op basis van de online-databanken van de OECD (OESO) en de World Bank (Wereld Bank) is een tabel opgesteld van de 14 moderne Europese landen (ondergrens is een bevolkingsomvang van 5 miljoen inwoners) met 6 sleutelindicatoren (Key Performance Indcators) die in samenhang een samengesteld beeld geven van de kwaliteit van de gezondheidszorg in relatie tot de totale uitgaven per land. NB: De cijfers van de OESO en de Wereld Bank verschillen niet of nauwelijks op het gebied van de Kwaliteit (B, C, D), maar er zijn wel tussen beiden enkele opmerkelijke verschillen bij de Kosten-KPI’s. De 6 KPI’s zijn:

Kosten/Uitgaven

  • A0: % kostenontwikkeling BNP 2006-2014 (Wereld Bank)
  • A1: % uitgaven BNP (OESO, Wereld Bank) en
  • A2: uitgaven per hoofd vd bevolking (OESO, Wereld Bank)

Kwaliteit gezondheidszorg

  • B: Aantal doctoren per 1000 inwoners (OESO; Wereld Bank)
  • C: Levensverwachting vanaf geboorte (OESO; Wereld Bank)
  • D: Persoonlijke gezondheidswaardering (‘Self-reported health’ ) (OESO)Dezelfde reeks, maar nu met de gemiddelden van A1, A2, B en C (OECD en World Bank).6kpi-oecdenwb-08102016

6kpi-14-eu-gem-30092016

Duiding: Nederland in vergelijking met de andere

Uit de tabel blijkt dat Nederland in vergelijking met de andere 13 landen slecht presteert, het is zelfs het enige land dat op slechts één KPI boven het gemiddelde scoort. Kosten en Kwaliteit zijn omgekeerd gewaardeerd: Hoge kosten zijn in de beoordeling ‘negatief’, hoge kwaliteit is in de beoordeling ‘positief’. Op het niveau van de Uitgaven scoort Nederland volgens de OESO zeer negatief (gedeeld hoogste uitgaven als %BNP, op 2 na hoogste uitgaven per capita en op Zwitserland na het hoogste van alle landen); ook volgens de Wereld Bank zijn de Uitgaven van Nederland hoog en liggen ze duidelijk boven het Europees gemiddelde. Op Kwaliteitsniveau scoort Nederland op twee van de drie KPI’s negatief. Het aantal doctoren (artsen, geneesheren, medici) is bijzonder laag en de levensverwachting ligt onder het gemiddelde.  Alleen op de KPI Persoonlijke gezondheidswaardering scoort Nederland positief.

De grote Zuid-Europese landen Spanje en Italië komen (voorlopig) als beste naar voren

De landen die er het beste uitkomen zijn Spanje (1e) en Italië (2e). De grote Zuid-Europese landen slagen er kennelijk in om tegen lage kosten hoge zorgprestaties te realiseren. Spanje heeft veel doctoren, 4,35 per 1000 (na Oostenrijk het meeste), maar ook Italië scoort qua doctoren nog boven gemiddeld. De levensverwachting is in deze twee landen hoog: Spanjaarden hebben de hoogste levensverwachting, 83,15 jaar, Italië 82,75 jaar, Nederland scoort ondergemiddeld met slechts 81,35 jaar. Mogelijk spelen het zuidelijke klimaat en voedingsgewoonten een rol. Beide landen hebben een Nationale Gezondheidszorg, belasting gefinancierd, met een gedeeltelijk (ook politiek-democratisch) gedecentraliseerde organisatie van de uitvoering. Spanje (er zijn geen gegevens van Italië in de OECD-statistiek) geeft relatief weinig uit aan inpatient care (‘ziekenhuizen’, 25%; Nederland 32%) en relatief veel aan outpatient care (‘includes home-care and ancillary services’, 37%; Nederland 22%). Aan long-term care (‘ouderenzorg’) geeft Spanje 9% uit, Nederland 26%.

Samenvatting van de uitkomsten obv. de 6KPI’s

6-kpi-alle-14-29092016Meer over Spanje hier op dit blog: https://gijsvanloef.nl/2016/09/26/spanje-beste-gezondheidszorg-van-modern-europa/

Bronnen:

OECD, Health at a Glance 2015, online, links:

Health expenditure in relation to GDP:
http://www.oecd-ilibrary.org/social-issues-migration-health/health-at-a-glance-2015/health-expenditure-in-relation-to-gdp_health_glance-2015-60-en

Life expectancy at birth and Health spending per capita:
http://www.oecd-ilibrary.org/social-issues-migration-health/health-at-a-glance-2015/life-expectancy-at-birth-and-health-spending-per-capita-2013-or-latest-year_health_glance-2015-graph17-en

Physicians per 1000 people:
http://www.oecd-ilibrary.org/social-issues-migration-health/health-at-a-glance-2015/practising-doctors-per-1-000-population-2000-and-2013-or-nearest-year_health_glance-2015-graph47-en

Better Life Index, Self-reported health:
http://stats.oecd.org/Index.aspx?DataSetCode=BLI

World Bank online, links:

Health expenditure, total (% of GDP) en per capita:
http://data.worldbank.org/indicator/SH.XPD.TOTL.ZS?end=2014&start=2006
http://data.worldbank.org/indicator/SH.XPD.PCAP?end=2014&start=2006

Physicians per 1000 people:
http://data.worldbank.org/indicator/SH.MED.PHYS.ZS?end=2014&start=2006

Life expectancy at birth:
http://data.worldbank.org/indicator/SP.DYN.LE00.IN?end=2014&start=2006

Overpeinzing bij een Nationaal ZorgFonds?

Heimelijk heeft de bestaande brede politieke coalitie met de zorgverzekeraars binnenboord besloten dat de zorgverzekeringswet nog 10 jaar vooruit kan. Inmiddels behoort onze gezondheidszorg met het unieke nederlandse gedachtengoed van gereguleerde marktwerking na 10 jaar ploeteren en heel veel rekenen en andersoortige overhead in internationaal opzicht tot een van de allerduurste van de wereld (OESO).DSCN1145knationaal_zorgfonds_logo

Onze gezondheidszorg is gebouwd op een fundament van betaalbaarheid, solidariteit en toegankelijkheid van een goede basiszorg. Dit geeft de bevolking de zekerheid van een veilige gezondheidszorg, waarbij kwaliteit als het ware intrinsiek gewaarborgd is, of zou moeten zijn. De bestaande transparantie-cultuur bevordert het cijferfetisjisme en beloont niet-medische belangen maar breekt het vertrouwen van de mensen in de kwaliteit van onze gezondheidszorg af.

 

Reactie op Commentaar de Volkskrant (18 augustus)

DSCN2228 kOp het redactioneel commentaar van de Volkskrant van 18 augustus ‘De zorgstrijd’ is qua weging van argumenten pro en contra nogal wat af te dingen. De financiering van de zorg is inderdaad een belangrijk thema.

De genoemde argumenten van ‘het SP-kamp’ kloppen (Zorg is publiek domein – Stelsel is oligopolie – Hoge marketingkosten – Veel onnodige bureaucratie). Dat zorg publiek domein is, is juist. De meerderheid van de bevolking vindt dat de gezondheidszorg primair een taak van de overheid is (SCP 2014). Zelfs in het puur theoretisch geval van een verregaand commercieel zorgstelsel (waarvoor geen draagvlak onder de bevolking bestaat) zal zo’n stelsel ingesnoerd zijn door veel wetgeving en publieke controlemechanismen.

Maar de SP is naïef als ze het eigen risico wil schrappen. De menselijke zorgbehoefte is in beginsel onbegrensd, er moet een tegenwicht, een financieel beheers mechanisme zijn, want de markt lust wel pap van de belofte van een hogere levensverwachting. Een eigen risico kan daarvoor een goed instrument zijn.

De genoemde argumenten van het ‘het VVD-kamp’ zijn veel discutabeler (Wachtlijsten nagenoeg verdwenen – Wordt beter op kosten gelet – Inkomenverschil tussen artsen en gemiddelde patient is gehalveerd – Premiestelsel is nivellerender – Kwaliteit zorg scoort onverminderd hoog internationaal). Er zijn wachtlijsten in de GGZ en de jeugdzorg met ernstige negatieve maatschappelijke effecten. Dat er beter op de kosten wordt gelet is pure noodzaak, het nederlandse zorgstelsel is in de afgelopen 10 jaar onder de gereguleerde marktwerking een van de duurste van de wereld geworden. Het inkomensverschil tussen arts en patiënt lijkt me een nogal gezocht argument. Met het nivellerende premiestelsel wordt waarschijnlijk bedoeld dat hoge inkomens meebetalen aan de zorg van lage inkomens: correct, maar mensen met hoge inkomens leven wel langer. En de kwaliteit van de zorg scoort in internationaal opzicht met plussen en minnen niet meer dan ‘gemiddeld’ voor een hoogontwikkelde economie als de onze. Zo zijn er 13 landen met een hogere levensverwachting dan Nederland.

 

Ingezonden brief, maar teveel woorden voor plaatsing (ca. 280). Dit commentaar is aangescherpt op 19 augustus (cursieve tekst).

KPMG: “CZ-prijslijst zegt alleen iets over willekeur eigen risico”

Lees hier de column van KPMG/Plexus op skipr: https://www.skipr.nl/blogs/id2791-cz-prijslijst-zegt-alleen-iets-over-willekeur-eigen-risico.html

Mijn reactie:

De rekenmeesters van KPMG constateren op basis van eigen data analyse dat erg geen verband te vinden is tussen de prijs en de kwaliteit van zorg, zij zien louter ‘puntenwolken zonder een verband’. Er zijn enorm veel prijzen, maar de kwaliteit van concrete zorg is en blijft onbekend. Het is eigenlijk net als die jaarlijkse lijst van de ‘beste ziekenhuizen’ van het AD, bedenk ik mij.

 

KPMG zegt zich te kunnen voorstellen om door te gaan met de openbaarmaking van tarieven omdat dit ‘naar verwachting een gunstig effect zal hebben’. Gunstig in welk opzicht?

KPMG meent dat het ‘nu wel pijnlijk duidelijk wordt dat deze manier van onderhandelen zich slecht verhoudt met een eigen risico van 875 euro. Het is immers bijna toeval welke rekening er bij je op de mat valt als patiënt.’

De prijs die iemand betaalt is dus pure willekeur. Dit raakt de ethische fundamenten van ons zorgstelsel. Is dat ook een opzicht? KPMG probeert het cijfermatig op te lossen. Nog meer werk voor rekenaars, nog jaren werk.

Heimelijk heeft de bestaande brede politieke coalitie met de zorgverzekeraars binnenboord besloten dat de zorgverzekeringswet nog 10 jaar vooruit kan. Inmiddels behoort onze gezondheidszorg met het unieke nederlandse gedachtengoed van gereguleerde marktwerking na 10 jaar ploeteren en heel veel rekenen en andersoortige overhead in internationaal opzicht tot een van de allerduurste van de wereld. Daar is ook een lijst van (OECD), in grafiekvorm:OECD health costs per capita

Bron:http://www.keepeek.com/Digital-Asset-Management/oecd/social-issues-migration-health/fiscal-sustainability-of-health-systems_9789264233386-en#page246 pag. 249.

2e Bron: http://www.oecd-ilibrary.org/social-issues-migration-health/health-at-a-glance-2015_health_glance-2015-en zie ‘Health expenditure in relation to GDP’ (pdf, pag. 167)

Onze gezondheidszorg staat op een fundament van betaalbaarheid, solidariteit en toegankelijkheid van een goede basiszorg. Dit geeft de bevolking de zekerheid van een veilige gezondheidszorg, waarbij kwaliteit als het ware intrinsiek gewaarborgd is, of zou moeten zijn. De bestaande transparantie-cultuur bevordert het cijferfetisjisme en beloont niet-medische belangen maar breekt het vertrouwen van de mensen in de kwaliteit van onze gezondheidszorg af. En de betaalbaarheid staat onder druk, zonder het macro-beheersinstrument (budgetplafond) rijzen de kosten de pan uit.

Wat de minister nu zou behoren te doen is bij wet basiszorgpolissen met een hoger eigen risico dan de wettelijke 385 euro verbieden.

Transparantie-soap: zorgprijzen van ziekenhuizen

update 2/12/2017 – werkelijke cijfers

Rekensommetje: Als er 79 ziekenhuizen zijn (AD-top 100) en 61 verschillende basiszorg-polissen (in 2016) , dan zijn er … verschillende prijzen mogelijk voor een specifieke behandeling.

Initiatiefwet ‘Stop winstuitkering door Zorgverzekeraars’

Goed wetsvoorstel!

Kennelijk ontstaat er een bredere politiek-maatschappelijke coalitie.

Lees hier waarom dit een uitstekend initiatief is van SP, CDA en PvdA. Of neem contact met me op.