PERSBERICHT – Zorgstelsel vertoont ernstige gebreken

Persbericht Platform Betrouwbare Zorgcijfers

Eleven Countries Survey: “Nederlandse gezondheidszorg aan de top” (RTL Nieuws) ?!

RTL Nieuws bericht: http://www.rtlnieuws.nl/gezondheid/nederlandse-gezondheidszorg-aan-de-top

Nederlandse gezondheidszorg aan de top (?!)

MIJN CONCLUSIE (FACTCHECK): APERTE NONSENS

Het bericht staat op Health Affairs en is gebaseerd op een bericht op Commonwealthfund.org, een gerespecteerde bron. Ze zijn kennelijk een sponsor van dit onderzoek. Maar dit is niet de conclusie van het Commonwealthfund, het is een bericht op hun website: The views expressed are those of the authors and should not be attributed to the Commonwealth Fund.

Kortom: het Commonwealthfund heeft bijgedragen aan de totstandkoming van dit onderzoek, maar het is niet gedaan in naam van. Dit onderzoek zegt niets over de mening van het Commonwealthfund.

Opzet en inhoud van het geciteerde onderzoek:

Het gaat om een telefonische enquete met een lage respons. Uit de Appendix blijkt dat de respons van de kwetsbare inkomensgroepen laag is (waar ook nog onvoldoende voor gecorrigeerd lijkt te zijn), het zijn vooral de relatief hogere inkomensgroepen die gereageerd hebben.

De survey is een lofzang op de poortwachtersfunctie van de huisarts en de vernieuwingen in de 1e en anderhalve lijnszorg in Nederland. Terecht. Maar de poortwachterfunctie is een historische verworvenheid. En hoe moeilijk is het om een goede fysieke toegankelijkheid te organiseren in een land zo klein en vlak als Nederland dat over zulke goede, geasfalteerde wegen beschikt? Daar komt bij dat wij een in internationaal opzicht ver ontwikkelde digitale infrastructuur hebben. De andere 10 landen hebben grote geofysische beperkingen. Het enige nieuwswaardige zou mogelijk kunnen zijn dan er rondom de 1e lijn in Nederland interessante vernieuwingen plaatsvinden. Maar dat is niet de teneur van de berichtgeving. Het gaat hier om de 1e lijnszorg, een bedrag van 8,5 miljard jaarlijks, ca. 10% van de kosten van de gehele Nederlandse gezondheidszorg. https://www.volksgezondheidenzorg.info/onderwerp/eerstelijnszorg/kosten/kosten-naar-sector#node-kosten-van-eerstelijnszorg  Om nu op basis van 10% van de sector te concluderen dat de Nederlandse gezondheidszorg aan de top staat … is volstrekt misplaatst!

Wat te denken van het ministerie VWS dat dit bericht publiceert op: https://www.rijksoverheid.nl/actueel/nieuws/2016/11/17/nederlandse-zorg-scoort-hoog-in-nieuw-internationaal-onderzoek ?

MIJN WERKWIJZE

<klik> op link > http://content.healthaffairs.org/content/early/2016/11/14/hlthaff.2016.1088

Site met Abstract en kader met opties: Full Text , kies Full Text. NB: Om de Appendix te kunnen openen moet je subscriber zijn, dat kost geld.

In New Survey Of Eleven Countries, US Adults Still Struggle With Access To And Affordability Of Health Care

Abstract: 

In all countries, shortfalls in patient engagement and chronic care management were reported, and at least one in five adults experienced a care coordination problem. Problems were often particularly acute for low-income adults. Overall, the Netherlands performed at the top of the eleven-country range on most measures of access, engagement, and coordination.

Limitations:

First, populations that were hard to reach— (…)

Second, the survey had reasonable but still low response rates, which might introduce bias in an unknown direction.

Tekst:

The Dutch system—which includes the best access to same- or next-day appointments and after-hours health care, low use of the ED, relatively few problems with coordination of care, and the lowest rate of reported gaps in the doctor-patient relationship—provides an example of what works.One of the system’s features that underpin its performance is that almost all Dutch citizens are registered with a general practitioner of their choice, so that doctors know their patients’ medical history.14 Dutch general practitioners also have a statutory responsibility to provide after-hours care, which is usually met through cooperatives that provide walk-in care and also have electronic access to the patient’s primary care record—thus ensuring an alternative to the ED and reducing fragmentation of care.16 In addition, 88 percent of Dutch general practitioners make home visits.15 Dutch primary care doctors were early adopters of electronic medical records and report one of the highest rates (70 percent) of being able to exchange information electronically of doctors in the eleven countries, facilitating care coordination between providers. Multidisciplinary teams are the norm in Dutch primary care, with over 90 percent of health care practices employing nurses or case managers to help manage care for patients with chronic conditions, and an increasing number of practices are participating in care groups that receive payments to assume overall clinical responsibility for managing and coordinating care for such patients.17 All of these system features help make Dutch primary care particularly effective.

Among the most striking findings of the survey whose results are reported here are the missed opportunities across countries for health promotion. The vast majority of adults in all countries, except the United States, are not being engaged in conversations about how to lead a healthy lifestyle through good nutrition and exercise.

Disclaimer onderaan:

This study was supported by the Commonwealth Fund. The views expressed are those of the authors and should not be attributed to the Commonwealth Fund.

 

 

Onze Levensverwachting: hoog of laag in Europees opzicht?!

28/9/2016 – Het RIVM is geattendeerd op deze berichtgeving

Volgens de overheid is de Levensverwachting van de Nederlandse man één van de hoogste in de EU en de Levensverwachting van de Nederlandse vrouw gemiddeld. (zie https://www.volksgezondheidenzorg.info/onderwerp/levensverwachting/regionaal-internationaal/internationaal#node-levensverwachting-bij-geboorte-de-europese-unie ) 

download-manOver de levensverwachting van de man lezen we: “De levensverwachting bij geboorte voor Nederlandse mannen is één van de hoogste in de Europese Unie. De levensverwachting voor Nederlandse mannen is ongeveer twee jaar hoger dan het EU-gemiddelde. Het verschil tussen de oude en de nieuwe EU-landen is groot.” De cijfers kloppen uiteraard. De lezer wordt wel op het verkeerde been gezet. De 28 EU-landen bestaan voor de helft uit landen die sociaal-economisch minder ver ontwikkeld zijn dan de moderne helft. Nederland vergelijken met Bulgarije, Letland, Litouwen e.a. mag uiteraard, het wordt de lezer ook verteld, maar het krikt het gemiddelde aardig op. Twee landen ontbreken in de lijst, de niet-EU-landen Zwitserland en Noorwegen. In beide landen heeft de man een hogere levensverwachting dan de Nederlandse man. Als we die meerekenen dan komt de Nederlandse man met 79,5 jaar qua levensverwachting op een 9e plaats. Vanwaar: “Één van de hoogste”?

 

download-vrouwWe lezen over de levensverwachting van de vrouw: “De levensverwachting bij geboorte voor Nederlandse vrouwen is ongeveer gelijk aan het EU-gemiddelde. Nederlandse vrouwen doen het dus relatief slechter dan mannen in de EU.” De eerste zin is strikt genomen wel juist, maar tendentieus. Als we Zwitserland en Noorwegen meerekenen en we elimineren de onderste tien landen in de EU-rij (vanaf Tsjechië t/m Litouwen) en Malta en Cyprus dan hebben we in totaal 18 Europese landen waarbij alle ‘moderne’ landen.  De levensverwachting van de Nederlandse vrouw van 83,2 jaar staat dan op een gedeelde 13e plaats, ex aequo met België en Duitsland. Het gemiddelde van deze 18 landen is 83,94, afgerond 84 jaar. De levensverwachting van de Nederlandse vrouw ligt dus ver onder het gemiddelde van alle moderne Europese landen.

Van deze 18 landen is de gemiddelde levensverwachting van de man 79,04 jaar. De Nederlandse man wordt dus een half jaar ouder, dat leest toch anders dan “twee jaar hoger dan het EU-gemiddelde.”

Misschien dat er nog eens naar de berichtgeving op volksgezondheidenzorg.nl kan worden gekeken.

 

 

Spanje: beste gezondheidszorg van modern Europa?

Het Spaanse Ministry of Health, Social Services and Equality publiceert de volgende compacte en inzichtelijke rapporten: logo_ministerio

Het Annual Report on the National Health System of Spain 2015: http://www.msssi.gob.es/estadEstudios/estadisticas/sisInfSanSNS/tablasEstadisticas/Resum_Inf_An_SNS_2015_ENG.pdf  en de bijbehorende International comparisons: http://www.msssi.gob.es/estadEstudios/estadisticas/sisInfSanSNS/tablasEstadisticas/Comp_Intern_2015_ENG.pdf

Uit de International comparisons worden de volgende bijzondere prestaties belicht (bijzonder in de zin van het beste, of het beste samen met enkele andere  EU-landen):

* Hoogste levensverwachting van alle EU-landen
* Een van de vier EU-landen met de laagste sterfte als gevolg van ischaemic heart diseases en cerebrovascular diseases (hartklachten; hersenaandoeningen)
* De hoogste overlevingskans van borstkanker
* De meeste Community Pharmacies van alle EU-landen
* De meeste orgaandonaties en transplantaties van alle EU-landen (zie:  http://public.tableau.com/views/BOTnet/OrganDonorMap?:embed=y&:toolbar=no&:display_count=yes&:showVizHome=no#2 )
* Met oa. Nederland de laagste unmet medical needs (NB indicator voor toegankelijkheid; het recente bericht: http://nos.nl/artikel/2131978-tien-procent-nederlanders-mijdt-zorg-om-financiele-redenen.html heeft hier betrekking op!)

Het rapport geeft geen informatie over prestaties waarbij Spanje duidelijk onderpresteert. Of dit betekent dat Spanje geen zwakke prestaties kent, of dat er sprake is van een eenzijdige voorstelling van zaken kan niet met zekerheid gezegd worden. Maar het laatste ligt toch niet erg voor de hand. Opmerkelijk is de lage plek van Spanje in de EHCI Index 2015: 19e (!; Italië: 22e! ). Het is weer een aanwijzing dat de EHCI Index de toets der kritiek absoluut niet kan doorstaan.

1. De Gezondheidszorg in 14 moderne Europese landen: Kwaliteit versus Kosten

update 11/12/2016 – De opeenvolgende publicaties over de gezondheidszorg in internationaal, Europees perspectief (1, 2, 3, 4) illustreren een onderzoeks- en denkproces. Met de grafiek rechts is dit proces (voorlopig) afgerond. Het vormt de basis van de grafiek in ESB 1/2017.kosten-kwaliteit-grafiek-30122016

update 8/10/2016 – Nu de verdieping van de kwaliteitsindicatoren is gemaakt, is het duidelijk geworden dat het beeld op basis van deze 6KPI’s voor enkele landen onvoldoende scherp is. Engeland en Oostenrijk scoren kwalitatief minder goed, Finland scoort aanzienlijk beter. Toch kan ook worden vastgesteld, dat de 6KPI’s als eerste vingeroefening een totaalbeeld geven dat overwegend ‘juist’ is. Het is als eerste stap een goede stap, een stap die vervolg moet krijgen. Zie hierna deel 2.

Gepubliceerd op skipr als https://www.skipr.nl/blogs/id2855-nederland-heeft-niet-de-beste-zorg-van-europa.html

 

 

6 Sleutelindicatoren van Kwaliteit en Kosten

De gezondheidszorg is de meest complexe sector in het publieke domein. Hoe goed is onze gezondheidszorg? Elke cijfermatige benadering heeft beperkingen. Om een nauwkeurig beeld te krijgen zouden wellicht enkele duizenden cijferreeksen moeten worden opgesteld. Maar hoe kan dit worden samengevat? Een schier onmogelijke taak. Toch is met enig gezond nadenken wel een indicator samen te stellen die met slechts enkele cijferreeksen/KPI’s een weliswaar zeer globaal maar toch inzichtelijk beeld geeft van de kwaliteit van gezondheidszorg-stelsels van landen . Deze indicator bevat de Kosten (Uitgaven) uitgesplitst naar het % van het BNP dat aan gezondheidszorg wordt uitgegeven en de ontwikkeling daarvan, plus de kosten per inwoner (per capita) en een drietal ‘Prestaties’: het aantal hoogopgeleide zorgverleners (aantal doctoren per 1000 inwoners) als indicator van de omvang van het zorgaanbod, de gemiddelde levensverwachting als ultieme menselijke gezondheidsindicator en de ‘persoonlijke gezondheidswaardering’ van mensen. Deze gegevens zijn voorhanden. Op basis van de online-databanken van de OECD (OESO) en de World Bank (Wereld Bank) is een tabel opgesteld van de 14 moderne Europese landen (ondergrens is een bevolkingsomvang van 5 miljoen inwoners) met 6 sleutelindicatoren (Key Performance Indcators) die in samenhang een samengesteld beeld geven van de kwaliteit van de gezondheidszorg in relatie tot de totale uitgaven per land. NB: De cijfers van de OESO en de Wereld Bank verschillen niet of nauwelijks op het gebied van de Kwaliteit (B, C, D), maar er zijn wel tussen beiden enkele opmerkelijke verschillen bij de Kosten-KPI’s. De 6 KPI’s zijn:

Kosten/Uitgaven

  • A0: % kostenontwikkeling BNP 2006-2014 (Wereld Bank)
  • A1: % uitgaven BNP (OESO, Wereld Bank) en
  • A2: uitgaven per hoofd vd bevolking (OESO, Wereld Bank)

Kwaliteit gezondheidszorg

  • B: Aantal doctoren per 1000 inwoners (OESO; Wereld Bank)
  • C: Levensverwachting vanaf geboorte (OESO; Wereld Bank)
  • D: Persoonlijke gezondheidswaardering (‘Self-reported health’ ) (OESO)Dezelfde reeks, maar nu met de gemiddelden van A1, A2, B en C (OECD en World Bank).6kpi-oecdenwb-08102016

6kpi-14-eu-gem-30092016

Duiding: Nederland in vergelijking met de andere

Uit de tabel blijkt dat Nederland in vergelijking met de andere 13 landen slecht presteert, het is zelfs het enige land dat op slechts één KPI boven het gemiddelde scoort. Kosten en Kwaliteit zijn omgekeerd gewaardeerd: Hoge kosten zijn in de beoordeling ‘negatief’, hoge kwaliteit is in de beoordeling ‘positief’. Op het niveau van de Uitgaven scoort Nederland volgens de OESO zeer negatief (gedeeld hoogste uitgaven als %BNP, op 2 na hoogste uitgaven per capita en op Zwitserland na het hoogste van alle landen); ook volgens de Wereld Bank zijn de Uitgaven van Nederland hoog en liggen ze duidelijk boven het Europees gemiddelde. Op Kwaliteitsniveau scoort Nederland op twee van de drie KPI’s negatief. Het aantal doctoren (artsen, geneesheren, medici) is bijzonder laag en de levensverwachting ligt onder het gemiddelde.  Alleen op de KPI Persoonlijke gezondheidswaardering scoort Nederland positief.

De grote Zuid-Europese landen Spanje en Italië komen (voorlopig) als beste naar voren

De landen die er het beste uitkomen zijn Spanje (1e) en Italië (2e). De grote Zuid-Europese landen slagen er kennelijk in om tegen lage kosten hoge zorgprestaties te realiseren. Spanje heeft veel doctoren, 4,35 per 1000 (na Oostenrijk het meeste), maar ook Italië scoort qua doctoren nog boven gemiddeld. De levensverwachting is in deze twee landen hoog: Spanjaarden hebben de hoogste levensverwachting, 83,15 jaar, Italië 82,75 jaar, Nederland scoort ondergemiddeld met slechts 81,35 jaar. Mogelijk spelen het zuidelijke klimaat en voedingsgewoonten een rol. Beide landen hebben een Nationale Gezondheidszorg, belasting gefinancierd, met een gedeeltelijk (ook politiek-democratisch) gedecentraliseerde organisatie van de uitvoering. Spanje (er zijn geen gegevens van Italië in de OECD-statistiek) geeft relatief weinig uit aan inpatient care (‘ziekenhuizen’, 25%; Nederland 32%) en relatief veel aan outpatient care (‘includes home-care and ancillary services’, 37%; Nederland 22%). Aan long-term care (‘ouderenzorg’) geeft Spanje 9% uit, Nederland 26%.

Samenvatting van de uitkomsten obv. de 6KPI’s

6-kpi-alle-14-29092016Meer over Spanje hier op dit blog: https://gijsvanloef.nl/2016/09/26/spanje-beste-gezondheidszorg-van-modern-europa/

Bronnen:

OECD, Health at a Glance 2015, online, links:

Health expenditure in relation to GDP:
http://www.oecd-ilibrary.org/social-issues-migration-health/health-at-a-glance-2015/health-expenditure-in-relation-to-gdp_health_glance-2015-60-en

Life expectancy at birth and Health spending per capita:
http://www.oecd-ilibrary.org/social-issues-migration-health/health-at-a-glance-2015/life-expectancy-at-birth-and-health-spending-per-capita-2013-or-latest-year_health_glance-2015-graph17-en

Physicians per 1000 people:
http://www.oecd-ilibrary.org/social-issues-migration-health/health-at-a-glance-2015/practising-doctors-per-1-000-population-2000-and-2013-or-nearest-year_health_glance-2015-graph47-en

Better Life Index, Self-reported health:
http://stats.oecd.org/Index.aspx?DataSetCode=BLI

 

World Bank online, links:

Health expenditure, total (% of GDP) en per capita:
http://data.worldbank.org/indicator/SH.XPD.TOTL.ZS?end=2014&start=2006
http://data.worldbank.org/indicator/SH.XPD.PCAP?end=2014&start=2006

Physicians per 1000 people:
http://data.worldbank.org/indicator/SH.MED.PHYS.ZS?end=2014&start=2006

Life expectancy at birth:
http://data.worldbank.org/indicator/SP.DYN.LE00.IN?end=2014&start=2006

Verdriedubbeling aantal meldingen Inspectie voor de Gezondheidszorg vanaf 2004 t/m 2014

 

Deze conclusie is getrokken op basis van 5 documenten van de Inspectie GZ: het Jaarbericht 2004, het Jaarbericht 2007, het Jaarbeeld 2010, het Jaarbeeld 2013, het Jaarbeeld 2014. Op 6 april jl. is de Inspectie GZ benaderd met de vraag of de totalen juist zijn. Er is nog geen antwoord gegeven. Omdat de cijfers gebaseerd zijn op officiële publicaties van de Inspectie GZ kan men ervan uitgaan dat de cijfers kloppen. Het probleem is dat de Inspectie GZ door de jaren heen de definities en de categorieën heeft veranderd, waardoor een zuivere vergelijking en beoordeling wordt bemoeilijkt. De stijging van 3060 naar 9440 is een hard gegeven.

IGZ 25052016

Big Pharma betaalt voor European Health Consumer Index (met toppositie Nederland)

email correspondentie van 7 april 2016 met Health Consumer Powerhouse Ltd., uitgever van de EHCI

Op mijn vraag: ‘Do you receive funds/resources from Dutch insurance companies?’ krijg ik het antwoord:

Dear Dr. van Loef,
I would say ”Unfortunately not”. Our projects are sponsored by “Unconditional grants” much in the same way as externally funded clinical research in a medical faculty. More than 95 % of the grants have come from the multinational pharmaceutical industry, who incidentally have been fantastically good at keeping their fingers out of our project pies.
Regards,
Arne Björnberg

Commentaar: Een buitengewoon vriendelijke en openhartige reactie van Arne Björnberg, die ik niet persoonlijk ken. Zijn prachtige slotzin laat zich verschillend interpreteren. Ik kom tot een andere inschatting.